Centraal in mijn schilderijen staat het fenomeen reizen. De taferelen die ik schilder vinden vaak hun oorsprong in een reis naar het buitenland of een ander deel van Nederland. Daar waar groots en indrukwekkend (industrieel) erfgoed te vinden is, daar reis ik graag naartoe, voorzien van mijn camera, die tegenwoordig gewoon in mijn telefoon zit.

In de afgelopen jaren heb ik, samen met mijn man, vele mooie uitstapjes en reizen gemaakt, onder andere naar Prora, Peenemünde, Wünsdorf en Berlijn in Duitsland. Afgelopen zomer hebben we onze zinnen gezet op de stad Bydgoszcz in Polen, waar een dynamiet en munitiefabriek gevestigd was. Een groot compleet vervallen betonnen complex in een bos. Helaas rukt het naastliggende industrieterrein gestaag verder op. De vervallen betonnen kolossen van de fabriek verdwijnen stuk voor stuk.

 

Dit illustreert dat “de reis”  ook op een andere manier wordt weergegeven in mijn schilderijen. De reis van de plek die ik fotografeer en later tot schilderijen verwerk, door de tijd heen. De locaties die ik bezoek, zijn heden ten dage zogenaamde niet-plaatsen. Functieloos, desolaat en afgetakeld staan ze te vervallen. Bomen groeien her en der door de bestrating en de vloeren heen. Soms zelfs op het dak of in de raamsponningen. Verval is overal aanwezig, maar door de vervaagde kleuren, door de smerige ruïnes heen, zie je nog de grootsheid van de hoogtijdagen van de betreffende bouwwerken. Het is deze reis door de tijd, door de geschiedenis, die de bron is mijn schilderijen. Deze reis probeer ik keer op keer zichtbaar te maken in de verf op het doek.